Onderzoeksrapport ‘Witte vlekken in democratische vernieuwing’

In onze kennis over burgerparticipatie focussen we veel op wie er mee doen en hoe dat geregeld is, maar minder op wat er met de resultaten gebeurt. In het onderzoeksrapport Witte vlekken in democratische vernieuwing bundelden en analyseerden Kors Visscher, Menno Hurenkamp en Evelien Tonkens van de Universiteit voor Humanistiek bestaande kennis over democratische vernieuwing in Europa. In opdracht van Charge, het  nieuwe wetenschappelijk bueau van Volt. Lees hier meer.

Dealen met de grote wereld. Globalisering in de publieke opinie en op het werk

Spreek niet langer over verliezers van globalisering. Mensen zien zichzelf niet zo. Ze hebben er best begrip voor dat mensen hier een beter leven zoeken, en kopen, met enig schuldgevoel, ook graag goedkope producten uit andere werelddelen . Waar ze wel tegenaan lopen is dat het gemeenschapsgevoel, de communicatie en daarmee soms de veiligheid op het werk onder druk kunnen komen doordat mensen van elders soms onvoldoende zijn voorbereid en toegerust. Dat is kritiek op het beleid, niet op de mensen.

Samen met Menno Hurenkamp en Iris Middendorp hebben wij met vijf hoofdstukken bijgedragen aan: P. Dekker (red.) Dealen met de grote wereld. Globalisering in de publieke opinie en op werk. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau,

Carel Muller en Het zelfontplooiingsregime

Proefschrift aangehaald in NRC n.a.v. overlijden Carel Muller

Het zelfontplooiingsregime heet het boek dat socioloog, oud-Groen Links-politicus en (inmiddels) hoogleraar Evelien Tonkens in 1999 over Dennendal publiceerde. Ondertitel: De actualiteit van de jaren zestig. In dat boek, tevens proefschrift, beschrijft ze hoe Carel Muller in 1969 op 32-jarige leeftijd aantrad als ‘psychologisch directeur’ en in die positie bijna vrij spel kreeg. Dennendal was onderdeel van het psychiatrisch ziekenhuis Willem Arntsz Hoeve, maar de psychiaters daar bemoeiden zich nauwelijks met de zwakzinnigenzorg (tegenwoordig zorg voor verstandelijk gehandicapten). Die had (en heeft) traditioneel weinig aanzien vanwege het gebrek aan behandelmogelijkheden.”

Lees het artikel op NRC.nl en klik op de afbeelding voor een pdf van het boek.

Hoe rechtvaardig zijn verschillen in de bijstand?

Wat is een rechtvaardige bijstand? Welke rechten en plichten vinden bijstandsgerechtigden redelijk? Wat vinden ze van de verplichting om een tegenprestatie te leveren? En wat vinden ze ervan dat er grote verschillen zijn tussen gemeenten, en je in de ene gemeente 4 dagen per week een ‘tegenprestatiei moet leveren maar in de andere gemeente maar 4 uur?

In dit magazine doen wij verslag van de bevindingen van ons onderzoek naar deze en andere vragen over (on)rechtvaardigheid in de bijstand en indirect over de verzorgingsstaat in meer algemene zin.

De beste de baas?

“Wie een topdiploma heeft werkt zich bijna dood, de rest scharrelt doelloos rond”. Ons boek uit 2008 is vermeld in NRC in een recensie van drie boeken over meritocratie. Klik op de afbeelding voor een gratis pdf.

Convivial encounters: Conditions for the urban social inclusion of people with intellectual and psychiatric disabilities

Artikel met Femmianne Bredewold en Alke Haarsma in Urban Studies. Open access article.

“Recent work has pointed to the importance for their social inclusion of convivial encounters between people with and without disabilities, but little is known about the spatial and social conditions of the places that encourage these encounters. This paper is concerned with public places that are conducive for convivial encounters between people with and without disabilities. Drawing on extensive participative observations of four community projects and 78 interviews with people visiting or working at these projects we investigated which elements in these places encourage ‘strangers’ to move from merely co-presence to conviviality. Three conditions seem to be conducive, namely: (1) a shared purpose, (2) built-in boundaries, (3) freedom to (dis)engage. These conditions were beneficial for convivial encounters, but do not lead to friendship or long-term support. People engage in such contact because they can be sure that these contacts do not raise expectations of long-term support or friendship.”